Wielercafes in Vlaanderen
29-3-2006
Komende vrijdag verschijnt ''Wielercafés in Vlaanderen'', geschreven door Walter Rottier. Volgens het persbericht is het café het kloppend hart van de wielersport. Zeker in Vlaanderen: cafés van oud-renners, cafés als thuisbasis van wielerverenigingen, supporters- en wielertoeristenclubs, de cafés langs de parcoursen van de belangrijke klassiekers, en niet te vergeten de cafés van de kermiskoersen, met aankomst en vertrek voor de deur en alle formaliteiten in de onmiddellijke nabijheid van de toog. De afgelopen tien jaar bezocht Walter Rottiers vele van deze uitspanningen en sprak hij met de uitbaters. Hieronder staat een voorpublicatie uit het boek.
Japanners in het spoor van Skibby
Wanneer Japanse toeristen ergens op af komen dan moet het ofwel heel beroemd of uitzonderlijk fotogeniek zijn. Dat het bestaan van een ongepolijste puist in het Vlaamse land met de naam Koppenberg tot in Azië bekend is geworden, mag dan ook gerust uniek heten. Deze belangstelling uit het verre oosten kan volledig worden toegeschreven aan Jesper Skibby en de Ronde van Vlaanderen van het jaar 1987. Toen de Deense prof met zijn laatste krachten probeerde zijn voorsprong te redden op de 22 procent steile Koppenberg, overkwam hem dat wat vrijwel niemand hem toewenste, maar waarop enkele van de toeschouwers ter plaatse en voor de televisie heimelijk hadden gehoopt: Skibby kwam uitgeput ten val op de smalste passage van de sowieso al niet brede holle weg. Hij mocht nog van geluk spreken dat zijn onderbenen niet door de bmw van de wedstrijdleiding geplet werden. De beelden van de spectaculaire val en het van pijn vertrokken gezicht van de jonge Deen verspreidden zich razendsnel over de gehele wereld. Zoals gezegd: tot in Japan. En velen, onder hen de Franse wielergrootheid Bernard Hinault, schreeuwden moord en brand. ''Nooit meer de Koppenberg!'' stond in grote letters in het gerenommeerde Franse l''Equipe.
Jesper Skibby''s val die wereldnieuws werd.
Wat te verwachten was gebeurde: de Koppenberg werd onmiddellijk tot verboden terrein verklaard voor de Wereldbekerwedstrijden. Jammer, maar helaas. En toch profiteerde niet ver van de beruchte helling in Melden -een deelgemeente van Oudenaarde - sinds 1990 het café ''Koppenberg'' van Skibby''s mediagenieke valpartij. Zozeer zelfs dat eigenaresse Rita en haar man Hiron in een klein nevenvertrek een fototentoonstelling inrichtten rond de beroemde Koppenberg en de Ronde van Vlaanderen, voor de geïnteresseerden van over de gehele wereld. Maar dit behaaglijke cafeetje heeft natuurlijk welm meer te bieden dan alleen de herinnering aan Skibby''s val, en wringen en dringen, en duwen en trekken met de fiets op de schouder.
Het is onder meer ook het honk van de zeventig wielergekke leden van wtc De Koppenberg, en club wielertoeristen die het niet zo nauw neemt met de eisen die de sport stelt, en waarvan de leden vooral de nazit in café ''Koppenberg'' in ere houden. Iedere zondag om half tien precies beginnen ze aan hun rondje door het mooie Scheldedal of over de talrijke hellingen van de Vlaamse Ardennen. ''Iedereen die eens een keer met ons mee wil, is welkom'', aldus een opgewekte Luc, die de indruk wekt dat hij nog wel even aan de toog blijft hangen. En hij voegt eraan toe: ''Ik ben 43, dat zou je niet zeggen hé? Hij vraagt het met enige trots en met een glas Palm in de hand. ''Eerlijk gezegd niet'', antwoord ik de penningmeester van de club hoffelijk. ''Dat komt omdat ik regelmatig fiets en hierdoor!'' zegt Luc op zijn beurt wijzend op zijn bijna lege bierglas. Rita en Hiron begrepen maar al te goed dat een café van zeventig wielertoeristen alleen niet kan bestaan. Daarom bieden ze daarnaast ook onderdak aan twee biljartverenigingen. En bovendien worden in de ''Koppenberg'' regelmatig kaarttoernooien georganiseerd. De winnaar kan rekenen op overheerlijke kippenpootjes. ''Pas maar op, dan maak je hier wat mee'' aldus de nog altijd goedgemutste penningmeester. In Ruien, een onopvallend dorp aan de voet van de Kluisberg waar doorgaans niet veel bijzonders gebeurt, maakten ze een kleine vijfentwintig jaar geleden ook eens wat mee. In dit dorp waar je vanuit Melden gemakkelijk op de fiets geraakt, besloot het gemeentebestuur enkele jaren geleden een Eddy-Merckx-route in gebruik te nemen, compleet met een gedenkplaat ter ere van de allergrootste. De beslissing om een dergelijk publicitair interessante onderneming aan te gaan kwam niet uit het niets. Bij het criterium van Ruien namelijk, had Merckx in 1977 zijn 525ste en laatste overwinning in de wacht gesleept. Wielertoeristen die niet zo goed de weg weten in de Vlaamse Ardennen moeten zich overigens niet verbazen als ze ongewild van de route afraken. Dat is de schuld van souvenirjagers die in hun verzamelwoede de geliefde Eddy-Merckx-bordjes als aandenken mee naar huis nemen, tot grote ergernis van de plaatselijke overheid.
Eddy Merckx op de Koppenberg tijdens de Ronde van Vlaanderen van 1977 .
Het supporterscafé van Peter Van Petegem: ''In ''t Jagershoekje'' in Brakel'' .
De ''Zwarte uit Brakel''
Een wielervedette, een café en een pintje. Bij het supporterscafé van Peter Van Petegem, ''In ''t Jagershoekje'', passen al deze attributen van de wielergekte als een maatkostuum. Sterker nog, wanneer je een ranglijst zou opstellen van de meest oorspronkelijke supportercafés van Vlaanderen dan kwam het café in Nederbrakel zondermeer in de top drie. Aan de wanden hangen grote en kleine foto''s van Peter Van Petegem, posters, erepalmen en bekers, en ietwat terzijde een oude faïencekachel die voor een gezellige warmte zorgt. Maar het belangrijkst zijn toch het grote televisiescherm en de tapkast, waarachter waardin Nicole geen moment rust krijgt.
Reacties
geplaatst op: 8-11-2006 16:29:13u. | e-mail
geplaatst op: 1-4-2006 19:50:02u. | website