In 1958 was het EK atletiek in Stockholm. Een jaar voor aanvang sloot de organisatie een verzekering af tegen het uitbreken van een wereldoorlog of het neerstorten van een kunstmaan op het stadion. Er zou ook worden uitbetaald als het evenement werd getroffen door de Aziatische griep of een algemene staking. "De premie bedraagt 20.000 kronen, bij een verzekering van 2,5 miljoen Zweedse kronen", wist De Friese Koerier van 8 november 1957.

Een verzekering tegen een wereldoorlog klinkt nogal drastisch, maar in de geschiedenis is het wel degelijk voorgekomen dat een groot sportevenement hierdoor daadwerkelijk moest worden stilgelegd. Sterker: het is het WK baanrennen zowel in 1914 als in 1939 overkomen. De deelnemers moesten in beide gevallen halsoverkop vluchten vanwege oorlogsgeweld - als dat überhaupt nog lukte.

Aan het WK baanrennen van 1914 bij de amateurs deed de Nederlander Gerard Bosch van Drakestein mee. Zijn angstgegner was de Engelsman William Bailey, die de vier voorgaande jaren had gewonnen. In 1914 was Bailey echter prof geworden, zodat de Nederlander eindelijk eens de wereldtitel kon winnen. Het evenement was dat jaar in Kopenhagen, waar Bosch van Drakestein inderdaad de finale haalde. Die was gepland voor dinsdag 4 augustus, maar werd nooit gereden.

Daniël Rewijk schreef in 2002 de afstudeerscriptie Om de sport over Bosch van Drakestein, waarin hij terugkeek op de gebeurtenissen van 1914. "Op dinsdag kwamen telegrammen binnen, waarin de renners direct werden terug geroepen, vanwege de uitgebroken oorlog." Het WK werd onmiddellijk gestaakt en dus ook de finale met Bosch van Drakestein. "Weer geen kampioenstitel”, zei hij hier later over. "Ik had het gevoel alsof die oorlog alleen was uitgebroken om mij te beletten wereldkampioen te worden.”

Op dit WK was er uiteindelijk maar één wereldkampioen, omdat die finale nog vóór het uitbreken van de oorlog was verreden. Nota bene een andere Nederlander, Cor Blekemolen, eindigde op de eerste plaats bij de stayers.

De treinreis terug naar Nederland duurde maar liefst 82 uur, omdat die vol zat met soldaten op weg naar het front. Altijd nog beter dan de Engelse deelnemers, die het niet eens meer lukte om een boot naar huis te krijgen en vast zaten in Kopenhagen – in onzekere dagen ver weg van hun familie en bekenden.

Precies 25 jaar later gebeurde exact hetzelfde: het WK baanrennen van 1939 werd gestaakt vanwege het uitbreken van de volgende Wereldoorlog. De overeenkomsten zijn verbluffend, want op het laatste moment werden finales afgelast, waarvoor Nederlanders de grote kanshebber waren. Ook was er maar één wereldkampioen dat jaar: een Nederlander…

Waar in 1914 het WK plaatsvond in Kopenhagen, was dat Milaan in 1939. Waar in 1914 Bosch van Drakestein het slachtoffer was vanwege afgelaste finales, waren dat Dethmer Klink bij de achtervolging en Arie van Vliet bij de profs in 1939. Waar in 1914 Blekemolen de enige winnaar was, was dat Jan Derksen bij de amateurs in 1939. En beide WK’s werden dus afgelast vanwege het uitbreken van een wereldoorlog. In beide gevallen zonder dat de verzekering uitbetaalde.

Helemaal idioot is een verzekering tegen een wereldoorlog daarom ook weer niet, want de kans dat dit een sportevenement overkomt is nog altijd groter dan het neerstorten van een kunstmaan op het stadion – iets wat nog echt nóóit is gebeurd bij welke sport dan ook.