Karel Lotsy maakte in februari 1939 bekend dat het Nederlands Elftal in het Olympisch Stadion een wedstrijd zou spelen tegen Tsjechië. Dat zou gebeuren tijdens de jaarlijkse Olympische Dag, die op 11 juni 1939 was gepland. Opvallend was dat Duitsland hiervoor vooraf om toestemming werd gevraagd in de hoop de nazi’s niet voor het hoofd te stoten. De Duitsers hadden in 1938 Sudetenland van Tsjechië afgenomen, waardoor de spanning tussen deze landen hoog was opgelopen.

Ondanks ‘geen bezwaar’ van Berlijn zou deze interland toch niet doorgaan, omdat de Duitsers op 15 maart 1939 Tsjechië annexeerden. De tegenstander van Oranje bestond niet meer - het land was gewoon opgeheven. Hierop benaderde Lotsy Joegoslavië (of Zuid-Slavië volgens het toenmalige jargon), dat zich alsnog bereid toonde naar Amsterdam te komen.

Joegoslavië kwam wel en verloor

Voor zover ik weet is dit de enige keer geweest dat het Nederlands Elftal tegen een land moest spelen, dat op de wedstrijddag niet meer bestond. Internationaal is hier nog een beroemd voorbeeld van: Oostenrijk in 1938. Het nationale elftal van dit land had zich dat jaar voor het WK Voetbal geplaatst, maar vlak voor aanvang was de Anschluss van Oostenrijk met Duitsland. Net als Tsjechië bestond het land van dit elftal dus niet meer. Tegenstander Zweden ging daarmee automatisch door naar de volgende ronde van het WK.

Nederland won trouwens met 4-1 van Zuid-Slavië / Joegoslavië. De filmbeelden staan hier.